5 tips voor een waterbesparende tuin
Een groene tuin die er mooi uitziet én minder water nodig heeft? Dat is precies wat een waterbesparende tuin doet. Door slim om te gaan met regenwater, de bodem gezond te houden en meer ruimte te geven aan groen, blijft je tuin langer vochtig tijdens droge periodes en kan flinke buien beter opvangen.
Deel je verhaal op je eigen social media via deze kanalen
Tip 1: Het afkoppelen van de regenpijp
Het afkoppelen van de regenpijp is een simpele stap naar een waterbesparende tuin. Het regenwater dat op het dak valt, stroomt via de regenpijp rechtstreeks het riool in. Maar dat water kun je natuurlijk ook goed gebruiken voor in je eigen tuin.
Zaag de regenpijp net boven de grond door, en leid het water via een gootje je tuin in. Bijvoorbeeld naar een vijvertje, een bloemperk of boom. Daar kan het schone regenwater de grond in zakken en komt het precies waar het hoort: in de bodem, niet naar het riool.
Tip 2: een vijver of wadi
Een vijver of wadi helpt om regenwater op te vangen in je tuin. Zo voorkom je dat het water direct wegstroomt naar het riool.
Een wadi is speciaal bedoeld om water langzaam in de bodem te laten zakken. Na een bui loopt hij vol, waarna het water rustig de grond in trekt. Een vijver houdt het water juist vast. Dat zorgt voor verkoeling op warme dagen en maakt je tuin aantrekkelijk voor vogels, vlinders en andere dieren.
Allebei zorgen ze ervoor dat je het regenwater in je tuin beter benut. Zo hoef je minder vaak de kraan aan te zetten.
Tip 3: Schaduw en bomen
Als de zon de hele dag direct op de grond brandt, verdampt het vocht. De oplossing is simpel: zorg voor (natuurlijke) schaduw. Door bomen en grote struiken te planten, creëer je schaduw.
Onder en rondom een boom blijft de temperatuur lager en droogt de grond veel minder snel uit. Hierdoor hoef je de beplanting nauwelijks extra water te geven en bespaar je water.
Tip 4 : composteren en verhakselen
Een gezonde bodem is de basis voor een waterbesparende tuin. Een rijke bodem werkt namelijk als een spons: het houdt vocht ontzettend lang vast en geeft het langzaam af aan de planten.
Maak er daarom een gewoonte van dat er niets uit de tuin uitgaat. Start een composthoop en vul die met snoeisel, takken, bladeren en etensresten.
De grond die je uit die composthoop haalt, kun je verspreiden bij je planten. Zulke voedzame, rijke grond ga je zelfs bij het tuincentrum niet vinden.
Tip 5: Zo min mogelijk tegels
Grote terrassen van tegels doen de tuin geen goed. Ze houden de warmte lang vast en water kan niet de grond in lopen. Elke tegel die je verwijdert en vervangt door groen, is een winst. Regenwater kan direct de grond in zakken, zodat je planten een natuurlijke buffer hebben..
En ook zonder tegels kun je paadjes of terrassen aanleggen. Denk aan paadjes van grind, houtsnippers, schelpen of stapstenen. Of een terras op een houten vlonder.
Maak jouw tuin ook waterbesparend
Een waterbesparende tuin hoeft niet ingewikkeld te zijn. Vaak maken juist de kleinste acties het grootste verschil. Door de regenpijp af te koppelen, een vijver of wadi aan te leggen, schaduw te creëren, compost te gebruiken en tegels te wippen, blijft water langer beschikbaar in de tuin.
Zo krijg je een waterbesparende tuin, meer biodiversiteit aantrekt en stortbuien beter aankan. Begin vandaag nog met één van deze stappen.









